Vandendriessche Stien – Video: Microfinance, does it really work?
Bespreking videofilmpje: Microfinance, does it really work? link filmpje: http://nl.youtube.com/watch?v=J4wxo5IHpT0 Ik heb dit videofilmpje gekozen omdat het een kritische kijk geeft op microfinanciering, een concept dat door sommigen opgehemeld wordt als de manier om armoede uit de wereld te helpen. Ik argumenteer niet dat microfinanciering geen middel is dat hulp kan bieden aan armen, maar de andere kant van de medaille laten horen kan bijdragen tot een meer genuanceerde kijk op het onderwerp. Microfinanciering is een verzamelnaam voor leningen, spaardiensten, verzekeringen en andere financiële producten die met zeer kleine bedragen (vaak minder dan 100 euro) worden verstrekt aan mensen met een laag inkomen. Microkrediet daarentegen slaat enkel op het verstrekken van leningen, zonder daar andere financiële diensten bij te betrekken. Vaak worden deze twee termen verkeerdelijk als synoniemen gebruikt. Het jaar 2005 werd door de Verenigde Naties uitgeroepen tot het internationale jaar van microkrediet, en op hun website staat te lezen dat micro-ondernemers hun kleine leningen kunnen gebruiken om groeiende, florerende zaken op te richten en zo in het onderhoud van hun familie te voorzien, wat uiteindelijk zou resulteren in een sterke, florerende, lokale economie. 1) Zijn alle armen wel ondernemers?Het filmpje begint met de uitspraak dat armen enorme talenten hebben, en dat de meesten onder hen reeds als zelfstandigen hun brood verdienen. Ze missen echter het nodige kapitaal, en daar zou een grote rol voor microkredieten zijn weggelegd. Thomas Dichter stelt in zijn artikel ‘Hype and hope: The worrisome state of the microcredit movement’ echter dat dit beeld van de arme als ondernemer veel te geromantiseerd is. Niet elke westerling is een geboren ondernemer, daar heb je talenten als creativiteit, doorzettingsvermogen en zakelijk inzicht voor nodig. Waarom gaan wij er dan van uit dat vele mensen in ontwikkelingslanden wel geboren ondernemers zijn? Volgens Dichter werkt microkrediet dan ook het best bij de niet-zo-heel-erg armen, die bovendien al ervaring hebben als ondernemer. Deze ervaren mensen kunnen hun zaak meestal starten met behulp van eigen middelen, of door informele leningen van vrienden, verwanten of andere handelaars. Ook zonder de hulp van microkredieten zou hun zaak waarschijnlijk kunnen overleven. De allerarmsten of diegenen zonder talent kunnen vaak niets productiefs doen met het geld, en komen juist van de regen in de drup omdat zij worden opgezadeld met een ondraaglijke schuldenlast. Dichter noemt dit de microkrediet paradox. Die arme mensen kunnen vaak niet veel meer dan het kopiëren van het werk(gedrag) van hun naasten, zodat iedereen ongeveer dezelfde dingen verkoopt, en hoe meer microkrediet er verstrekt wordt, hoe verzadigder de lokale markt wordt. Deze mensen zijn door gebrek aan ondernemerscapaciteit en/of vernieuwende ideeën niet in staat iets structureels bij te dragen tot de lokale economie. Als men het over microfinanciering heeft worden meestal enkel de succesverhalen verteld, zoals deze in het videofilmpje. Voor de mensen die niet zo goed meekomen en die stevige rentes betalen zonder dat dit leidt tot toename van hun economische activiteit is in de publiciteit maar weinig aandacht. 2) Hoge interestenEen tweede punt van kritiek is de hoge interest die de kredietverstrekkers opleggen. Die ligt een stuk hoger dan bij commerciële banken. Deze hogere rentes worden opgelegd omdat microfinancieringsinstituten hun kosten kunnen dekken en zo kunnen blijven voortbestaan zonder afhankelijk te zijn van Westers geefgeld. De instituten zijn vrij om hun rentes te bepalen, maar door onderlinge concurrentie zouden de rentepercentages zakken. 3) Beschikbaarheid op het plattelandIn het filmpje wordt gezegd dat microfinanciering een essentiële rol speelt om mensen uit de armoede te helpen, en dit vnl. in rurale gebieden waar geen (weinig) commerciële banken zijn. Wereldwijd zou echter slechts 1 op 5 arme huishoudens toegang hebben tot microfinanciering, en op het platteland ligt dat percentage nog lager. De reden hiervoor is dat er vele moeilijkheden zijn voor bankieren op het platteland. Zo is de infrastructuur slecht, waardoor de transactiekosten hoog zijn (cfr. filmpje: 7 à 8% van de interest bestaat uit transactiekosten). Bovendien sluiten traditionele microleningen, met vaste afbetalingstermijn, slecht aan bij de landbouweconomie. Zo kunnen boeren een lening voor bijvoorbeeld zaden maar terugbetalen na de oogst. De conclusie is dat als microfinanciering werkelijk wil bijdragen tot de vermindering van armoede, dan moet die voornamelijk beschikbaar zijn daar waar de armoede het grootst is, en dat is nog altijd het platteland. 4) Invloed op de positie van de vrouwWaar iedereen het wel eens over lijkt te zijn is dat microfinanciering een positieve invloed heeft op het zelfvertrouwen van de vrouw, en dat het haar positie in zowel het gezin als de gemeenschap versterkt. Microfinancieringsprogramma’s focussen zich voornamelijk op vrouwen, omdat die betere terugbetalers zouden zijn en omdat ze een groter deel van het inkomen spenderen aan onderwijs en gezondheidsdiensten. Zoals in het filmpje vermeld wordt blijkt deze versteviging van de positie van de vrouw in realiteit niet altijd zo vanzelfsprekend. Vaak wordt de vrouw door haar man op de voorgrond geschoven om zo een lening te verkrijgen, terwijl hijzelf achter de schermen nog altijd de touwtjes in handen heeft. De vrouw heeft helemaal niets in te brengen bij waar het geld voor wordt gebruikt. Het gevaar bestaat bovendien dat de vrouw zowel door haar man als door het microfinancieringsinstituut onder druk wordt gezet. Als de vrouw zelf een bedrijfje opstart wordt ze vaak geconfronteerd met lange werkdagen en een hoge werkdruk daar ze de huishoudelijke taken en de zorg voor de kinderen moet combineren met het drijven van de onderneming. Om met de woorden van het filmpje af te sluiten: microfinanciering is zeker een nobel idee en een geniale uitvinding die een positieve invloed heeft op het leven van armen. Maar of het ook in staat is armoede uit de wereld te helpen is nog een totaal andere vraag. Voor verdere nuancering, zie ook de bespreking van het artikel van Aneel Karnani