Magali Hawkins : Commentaar op “Banking on the poor – Bangladesh” van Journeyman op YouTube
Het filmpje handelt over de Grameen Bank van Muhammad Yunus en het fenomeen van de microkredieten. Deze bank werd in 1983 gesticht, zeven jaar nadat Yunus zijn idee in werking had gebracht met een persoonlijke lening van 27 $ aan enkele arme vrouwen. De Grameen Bank en haar holdings zijn nu uitgegroeid tot één van de grootste bedrijven in Bangladesh. De Bank heeft leningen lopen die samen meer dan zes miljoen dollar bedragen. Het microkrediet is een waar fenomeen geworden dat niet langer valt weg te denken uit het ontwikkelings- en armoedediscours. Zowel ngo’s, regeringen als bedrijven hebben de idee van de microkredieten omarmt. De bekroning van Muhammad Yunus zijn werk kwam er vorig jaar toen hij de Nobelprijs voor de Vrede won. Wat doet de Grameen Bank nu juist? Arme mensen hebben het moeilijk tot zowat onmogelijk om leningen aan te gaan bij gewone conventionele banken. De oplossing die Yunus hiervoor vond was het verlenen van heel kleine bedragen geld waarvoor men geen onderpand moest geven. De bedragen kunnen zo klein zijn als 1$. De leningen worden in groep verstrekt. Arme mensen kunnen zich samenvoegen om zo in groep elk individueel een lening aan te gaan. Ondanks de hoge rente die op de leningen staat, kan de Grameen Bank toch uitnemen met een aflossingspercentage van bijna negentig procent. Microkrediet heeft in de laatste jaren een voet aan wal gevonden over de hele wereld. Volgens mij hebben de Grameen Bank en microkrediet in zijn geheel, zowel positieve als minder positieve aspecten. Hieronder zal ik deze verduidelijken, soms aan de hand van de video, maar grotendeels gaat het over andere video’s, teksten of commentaren die ik over het onderwerp heb gelezen of gehoord.
Het verhaal van de microkredieten die Yunus ophangt, doet mij vaak denken aan de idee van “The American Dream”. Het is een idee van zelf je lot in handen nemen en alles vanuit het niets opbouwen. Het doel is om een klein beetje kapitaal, bekomen via een lening, te doen accumuleren via handel en de markt. Om zo uit de armoede te klimmen. Het lijkt op een soort van capability approach, zoals we die kennen van Amartya Sen. Het is de idee dat je door het verlenen van krediet aan arme mensen hun mogelijkheden kan verruimen. Krediet is een tool/ een asset, waardoor men zijn mogelijkheden uitbreidt en zo meer capabilities heeft om aan de armoede te ontsnappen. Via investeringen moeten mensen hun geld doen accumuleren, wat ook een accumulatie van capabilities betekent en kan leidden (en volgens Yunus steeds leidt) tot een weg uit armoede.
Yunus heeft volgens mij teveel vertrouwen in de markt. De arme mensen moeten zich met hun kleine investeringen op een soort van eigen inter-armen markt plaatsen en dan komt alles wel goed. De markt en het marktinzicht van de leners zullen er voor zorgen dat hun levensomstandigheden verbetert. Voor sommige mensen lijkt dit ook werkelijk zo te gaan. De vrouw Aisha in dit filmfragmentje heeft duidelijk goed gevaren bij haar investering. Volgens mij is echter niet iedereen zo’n goede zakenpersoon. Mensen die een verkeerde investering maken zitten vast aan hun lening met enorme hoge interest en komen zo in een schuldenval terecht. De markt zelf is ook niet altijd zo voorspelbaar wat voor vele mensen een verlies van hun kapitaal kan leidden. De enige uitweg uit een slechte investering is opnieuw lenen en dat kan tot een vicieuze cirkel van schuld leiden. Dit is een probleem die Vandana Shiva vaak aantoont als ze spreekt over de problemen met microkrediet. (http://nl.youtube.com/watch?v=Vf9ioT4iKcM &feature=related)
Yunus ziet voornamelijk een inter-armen markt als de oplossing voor hun armoede probleem. Het probleem hierbij is dat het geen kapitaal van de rijken naar de armen doet stromen. Een fenomeen dat volgens mij de kloof tussen arm en rijk niet ten goede zal komen. De armen zullen hun eigen, meestal informele, markt hebben en zullen nog steeds geen handel drijven met de rijken. De armoede kan hierdoor wel verminderen, maar de ongelijkheid totaal niet.
Op vele vlakken is de Grameen Bank een onconventionele bank. Je kan er als arme persoon wel heel kleine leningen aangaan, maar dit moet steeds in groep gebeuren. De leners, grotendeels vrouwen, moeten zich met vijf aanbieden om samen elk individueel een lening te krijgen. Zo ontstaat er een peer-group die instaat voor de controle van de afbetaling. De vrouwen sporen elkaar aan de lening af te betalen. Dit zorgt voor een groepsdruk die waarschijnlijk haar weerslag krijgt in het hoge afbetalingspercentage van 89% van de leningen. Voor de Bank heeft deze groepslening enkel voordelen, maar voor de armen kan dit volgens mij een verhoging van de druk en van de controle op hun investeringen zijn. Een ander eigenaardig fenomeen van de Grameen Bank is het scanderen van slogans. De Bank wordt hierdoor voor mij toch een beetje te veel opgehemeld.
Bij het ontstaan van Yunus’ idee was het zijn bedoeling om vrouwen een kans te geven om leningen aan te gaan. Zij waren te sterk ondervertegenwoordigd in de andere banken en huij streefde naar een gelijke representatie van mannen en vrouwen in zijn bank. Naar verloop van tijd bleek echter dat vrouwen ‘betere’ armen waren. Een discours dat je ook bij de Wereldbank en de VN tegenkomt[1]. Voor Yunus zijn vrouwen zowel goede armen als goede leners. Vrouwen betalen hun leningen meer terug, ze zorgen er voor dat het geld hun kinderen ten goede komt. Vrouwen zijn goede armen omdat ze hun winsten verdelen over hun gezin en hun gemeenschap. Volgens Yunus hebben vrouwen ook meer oog voor de toekomst. Zij plannen hun uitgaven beter dan mannen. Yunus meent ook dat het lenen aan vrouwen hun zelfrespect verhoogd, dit in een maatschappij waar ze mannen heel hun leven moeten eerbiedigen. Ik vindt dit een goed idee, maar er zitten wel gevaren aan vast. Een vrouw geld laten beheren en verdienen in een maatschappij waar ze een ondergeschikte rol speelt, kan de bestaande familiale verhoudingen sterk veranderen. Verandering is goed, maar houdt gevaar met zich in. De mannen zullen het waarschijnlijk niet altijd appreciëren dat hun taak als ‘paterfamilias’ wordt uitgehold. Zo blijkt uit onderzoek dat het huiselijk geweld vaak toeneemt in families waar de vrouwen leningen kunnen bekomen.
De idee dat vrouwen ‘goede’ armen zijn, houdt volgens mij nog een gevaar in. Het lijkt mij dat als men zegt dat vrouwen die geld verdienen ervoor zorgen dat hun familie en de hele gemeenschap er wel bij varen, dit een excuus is om de macrogezondheidszorg af te bouwen. De vrouwen kunnen en moeten dan zelf instaan voor de gezondheid en opvoeding van hun kinderen. Een taak waarbij ik vind dat de staat moet in bijdragen. Het kan volgens mij leidden tot een gevaarlijke privatisering van de gezondheidszorg, de sociale zekerheid en het onderwijs. Waar de vrouwen voor de meeste kosten zullen moeten opdraaien en de staat zich van af trekt. Een fenomeen dat zich in de ontwikkelingslanden vaak voordoet.
Dit filmpje werd gemaakt voor Muhammad Yunus en zijn Grameen Bank de Nobelprijs voor de Vrede behaalden. Hierbij is mijn bedenking: een Nobelprijs voor iemand die zich bezighoudt met armoedebestrijding? Armoede wordt echter steeds vaker, meestal ten onrechte, gezien als een bedreiging voor de vrede. Na elf september zijn heel veel ontwikkelingsdiscoursen ‘verveiligt’. Migratie en armoede zijn hiervan de twee belangrijkste. Ook Yunus meent dat armoede een voedingsbodem kan zijn voor terrorisme. Niet dat men als terrorist arm moet zijn, maar hij meent dat armen gemakkelijk kunnen worden overtuigd om toe te treden in terroristische organisatie uit gebrek aan andere middelen. Yunus ziet de bestrijding van armoede als een ideaal wapen tegen het terrorisme. Hij heeft hierin volgens mij gedeeltelijk gelijk. Terroristische daden komen zeker niet van mensen in de sloppenwijken, maar kunnen er volgens mij wel hun aanhang in vinden en misschien zelf hun ‘legitimiteit’.
Besluit: Het verlenen van krediet aan arme mensen die anders in geen enkele bank terecht kunnen, zoals de Grameen Bank het doet, vindt ik zeker een goede zaak. Maar het is slechts één instrument in de strijd tegen armoede en onrecht, twee zaken die volgens mij niet kunnen gescheiden worden. Yunus meent dat hij enkel met zijn microkrediet de armoede uit de wereld kan helpen. Microkrediet lijkt mij, wanneer het op een verstandige manier wordt verleent zeker een instrument om de armoede mee aan te pakken, maar je mag de andere instrumenten niet verwaarlozen of vergeten. Echte participatie in het macro institutionele systeem zijn eveneens noodzakelijk. Het bekomen van onweerlegbare rechten is volgens mij een onontbeerlijke stap in de bestrijding van armoede. Verandering op macroniveau, eerlijke handel, herverdeling en het dichten van de kloof zijn ook fronten waarop men moet blijven vechten op weg naar een betere wereld. Zoals Vandana Shiva zegt kunnen rechten niet vervangen worden door krediet.
[1] Zie het hoofdstuk ‘Armoedebestrijding en vrouwen’ in: “Globalisering en armoede” van Francine Mestrum.